- een stoornis in het sociale contact, met name in de sociale wederkerigheid. De aard van deze contactstoornis kan heel verschillend tot uiting komen. Sommige mensen zijn heel passief en nauwelijks betrokken bij de hen omringende wereld, terwijl anderen geen afstand bewaren en vaak op een bizarre claimende wijze iemands aandacht opeisen. Bovendien is zowel het inzicht in wat anderen voelen en denken als het doorzien van sociale situaties zeer beperkt.
- een stoornis in de verbale en non-verbale communicatie. Sommige autisten spreken in het geheel niet, anderen zijn misleidend welbespraakt, met alle mogelijke tussenvormen. Het blijft echter voornamelijk eenrichtingsverkeer. Mimiek en gebarentaal is voor hen moeilijk te begrijpen en kan een bron van verwarring vormen.
- een stoornis in het verbeeldingsvermogen. Deze stoornis kan zich uiten in o.a. een totaal gebrek aan verbeelding, invoelingsvermogen, maar ook in een teveel aan fantasie, waar het individu zich in verliest.
- een opvallend beperkt repertoire van interesses en activiteiten. De autist heeft slechts oog voor enkele objecten, onderwerpen of activiteiten (bijvoorbeeld draaiende wieltjes, treinen of het openen en sluiten van deuren). Hij kan hier zo door in beslag genomen of geobsedeerd worden dat hij veel te weinig interesse in andere zaken heeft, waardoor de ontwikkeling ernstig wordt belemmerd, en zijn isolement toeneemt.
|